Jihadistische ‘lone wolves’ kunnen er vaak helemaal niets van

22-12-2014 13:12

De recente terroristische acties in Ottawa, Sydney en de Franse stad Dijon (al moet over de toedracht van deze laatste aanslag nog meer bekend worden) hebben opnieuw laten zien dat de jihadistische beweging in de westerse wereld opereert als een ‘leaderless resistance’. Deze strategie is over komen waaien uit de extreem-rechtse beweging in de VS en houdt in dat de individuele leden van de beweging op eigen initiatief en los van elkaar opereren en alleen verbonden zijn door het streven naar hun gezamenlijke doel.

Sporen

Voor de analisten die de acties in Canada en Australië probeerden te duiden, is het voordeel van deze manier van werken evident. Clandestiene bewegingen waarin de leden veel met elkaar samenwerken, laten sporen achter, bijvoorbeeld in de vorm van e-mails of persoonlijke ontmoetingen, en worden daardoor eerder opgemerkt door inlichtingendiensten en de politie dan bewegingen die volgens het ‘leaderless resistance’ principe te werk gaan. De ‘lone wolves’ bereiden hun acties voor zonder hier met iemand contact over te hebben, en weten op deze manier aan de aandacht van de politie en de inlichtingendiensten te ontsnappen. Dit klinkt angstaanjagend, maar wat in de beschouwingen van de terroristische dreiging onderbelicht blijft, is dat de jihadistische beweging ook een prijs betaalt voor de geringe zichtbaarheid.

Weinig mankracht

In de eerste plaats is het voor enkelingen moeilijker om de middelen voor een grote aanslag bij elkaar te brengen. Aanslagen kosten geld en mankracht en vergen expertise en coördinatie. Bijvoorbeeld, de aanslagen van 9/11 waren het resultaat van jaren voorbereiding en planning, internationale samenwerking van verschillende cellen en gespecialiseerde training. Ook de cel die de aanslagen van 7 juli 2005 in Londen pleegde, was uitgebreid getraind en ideologisch geschoold door andere leden van de internationale jihadistische beweging. Aanslagen van deze orde zijn voor de jihadistische eenling vrijwel onmogelijk. Een alleen opererende jihadist heeft immers veel minder mogelijkheden om middelen aan te trekken en expertise te verwerven dan terroristische cellen die nadrukkelijk zijn ingebed in de jihadistische beweging.

Geen ledenselectie

Een ander nadeel van het ‘leaderless resistance’-principe is dat er geen selectie van leden mogelijk is. Iedereen die zich met het jihadistische gedachtegoed identificeert, kan namens de beweging optreden, en de profielen van de jihadistische ‘lone wolves’ laten zien dat niet de beste manier is om geschikte strijders aan te trekken. Van de jihadistische ‘lone wolves’ die de afgelopen tien jaar in het Westen actief zijn geweest, hadden er bijvoorbeeld opvallend veel te kampen met geestelijke problemen en verslavingen. Nick Reilly, een toentertijd 22-jarige man die in 2008 probeerde om in zijn eentje een restaurant in Exeter op te blazen, zat zelfs tegen het zwakzinnige aan.

Broddelwerk

De ‘lone wolves’ zijn dus zelden gedroomde jihadisten, en dat is terug te zien in de aanslagen die ze plegen. De zelfmoordterrorist die in 2010 een aanslag op een winkelcentrum wilde plegen, doodde alleen zichzelf, het aantal slachtoffers van een schietpartij op een Amerikaanse legerbasis in 2011 viel laag uit doordat het vuurwapen van de jihadistische schutter blokkeerde en Kurt Westergaard, de tekenaar van de beruchte Mohammed cartoons, bleef ongedeerd toen een jihadistische ‘lone wolf’ hem in 2010 met een bijl te lijf ging. Ook de poging van de 21-jarige Roshonara Choudhry om het Britse parlementslid Stephen Timms neer te steken, liep – gelukkig – op een jammerlijke mislukking uit, en een terrorist die met een vuurwapen het Canadese parlementsgebouw binnendringt en slechts één dodelijk slachtoffer maakt, heeft in operationeel opzicht broddelwerk geleverd.

Nadelen

Dat het werken met los van elkaar opererende cellen en eenlingen nadelen heeft, blijkt ook uit de voorkeuren van de terroristen zelf. Analisten zien decentralisering vaak als een teken van sluwheid en aanpassingsvermogen van de terroristen, maar er is geen terroristische organisatie of beweging ter wereld die uit luxe deze organisatiestructuur aanneemt. De ETA en de IRA hebben op enig moment hun organisaties verdeeld in kleine, onafhankelijk van elkaar opererende cellen, maar dat was pas nadat de militaire, piramide-achtige structuur die hun voorkeur had, vatbaar bleek voor infiltratie van inlichtingendiensten en politie. Hetzelfde geldt voor Al Qaeda, dat pas een meer gedecentraliseerde structuur aannam nadat het door de Amerikaanse offensief in Afghanistan onmogelijk was geworden om als een vaste organisatie blijven te opereren. Zelfs Louis Beam, de uit Louisiana afkomstige Ku Klax Klan-leider die het ‘leaderless resistance’ populariseerde, noemde het een “uit nood geboren” strategie die alleen maar moest worden toegepast omdat andere benaderingen niet werkten.

Tragedies

Helaas lopen aanslagen van ‘lone wolves’ soms op tragedies uit, en Anders Breivik heeft aangetoond dat een alleen opererende terrorist wel degelijk een grote aanslag kan plegen. Het echter is belangrijk om te blijven bedenken dat Breivik niet de regel is, en dat de amateuristische en kleine aanslagen van de ‘lone wolves’ simpelweg te weinig om het lijf hebben om een serieuze bedreiging voor de rechtsstaat te vormen. Het is waar dat de maatschappelijk impact van acties van jihadistische eenlingen groot is, getuige ook de grote media-aandacht voor de gijzeling in Sydney, maar deze impact staat in geen verhouding tot de ernst en omvang van de acties. We creëren de impact zelf, onder meer door in de media uitgebreid bij dergelijke aanslagen stil te staan, door te doen alsof de dreiging ons boven het hoofd is gegroeid en door steeds maar maatregelen van de overheid te eisen. In plaats van de terroristen deze dienst te bewijzen, kunnen we beter een realistische inschatting maken van waar ze toe in staat zijn, en dat is niet heel veel.